Disruptive innovations en global public goods

Sibout Nooteboom

Research output: Contribution to journalArticlePopular

Abstract

Ik heb eens zin in een lekker doemscenario. Het boek van Thomas Piketty over de toenemende ongelijkheid is een hit geworden. Dat is volgens mij omdat velen zich zorgen maken dat technologie het historische proces van ongelijkheid dat hij beschrijft alleen nog maar gaat versnellen. Het einde lijkt zoek. Door de digitalisering en schaalvergroting ontstaan er innovaties die de markt op zijn kop zetten, en die vooral de middleman overbodig maken. Denk aan email (post), amazon (boeken), über (taxi’s), de komende energierevolutie (energiebedrijven). Volgens Frans Volberda komen er steeds meer van die disruptive innovations. Wat digitaal is (informatie), kan goedkoop worden gecopieerd, waardoor niet alleen de middleman maar ook de originele producent er vaak niet meer aan verdient (hoewel dit met bitcointechnologie misschien ooit weer te voorkomen is). Alleen de meest succesvolle informatieproducenten (sommige artiesten, auteurs, onderzoekers) kunnen er van leven. De rest wordt in leven gehouden door een sponsor die zijn risico’s spreidt. (Wat zijn de belangen van die sponsor?) Daarnaast zal door hogere opleidingsniveaus en geglobaliseerde arbeidsmarkten de loonconcurrentie in veel sectoren toenemen. Productieprocessen, niet alleen van informatie, worden teeds meer internationaal decentraal genetwerkt, maar in welke handen zijn die netwerken? Wie kunnen het opkopen, zoals een Chinees ADO Den Haag koopt? Welke schakel kan de keten domineren, zoals supermarktketens dat doen? De opkopers zijn natuurlijk de rijken. En dat worden steeds meer de mensen die schaarse hulpbronnen kunnen monopoliseren. Door de afnemende arbeidskosten in de productie van voedsel en goederen en door de toenemende consumptie bij een groeiende wereldbevolking zal de wereldwijde economische schaarste verschuiven naar natuurlijke hulpbronnen zoals landbouwgrond, stedelijke grond, fossiele energie (steenkool zal nog lang het goedkoopst blijven), koper, allerlei andere delfstoffen. Deze natuurlijke hulpbronnen worden nu meestal al gemonopoliseerd door een beperkte groep. Zoals veel stranden bijvoorbeeld alleen maar toegankelijk zijn als je betaalt aan de eigenaar. Door de verschuivende verhoudingen zullen rijken steeds meer beleggen in natuurlijk kapitaal – of in de controle daarop. Ik denk dan zelf meteen aan het opkopen van irrigatiewater in droge arme Afrikaanse landen zoals Mali of de wildwest in oost Congo. Maar ook de grondposities in Nederland of de aardbevingdiscussie in Groningen (wel de lasten niet de lusten) gaan hier over. En propaganda wordt ingezet om negatieve effecten te bagatelliseren, anderen de schuld te geven, en eigenaarschap te claimen. De aarde heeft de potentie om veel mensen te voeden en dat wordt steeds goedkoper als we natuurlijke hulpbronnen kunnen mobiliseren. Er zullen straks veel mensen ‘over’ zijn. Dat lijkt een prachtige combinatie: iedereen kan dan wat rustiger aan doen, en we kunnen meer mensen inzetten om zieken te verzorgen muziek te maken of wilgen te knotten, of landen te besturen. In cocreatie en met het nieuwe werken kunnen mensen samen een mooiere wereld creeren. Maar wie betaalt hun loon of salaris als alle macht en rijkdom eerst gaat naar de eigenaars van natuurlijke hulpbronnen? Voor henzelf is de wereld al mooi genoeg, en wat drijft hen dan nog? Krijgen we een basisinkomen, en kunnen we daarbovenop ruilhandelen met kudo’s en bitcoins? Realiseren we een circulaire economie, met waardedaling van primaire natuurlijke hulpbronnen? En zo ja, is dit dan filantropie van de nieuwe rijken, of welbegrepen eigen belang (voorkomen van een opstand)? Hebben we straks een wereldwijde democratie die de schaarse hulpbronnen nationaliseert, de rendementen ervan netjes verdeelt? Of gaan regionale conflicten om schaarse natuurlijke hulpbronnen (zoals nu in Syrië, Palestijnse conflict, Zuid Sudan, binnenkort de poolgebieden, of de Zuidchinese Zee) de wereld in brand zetten en storten onze primaire systemen in? Of wordt een van die filmscenario’s werkelijkheid waarin de rijken zich afzonderen op een satelliet of in zones of in gated communities? Van al deze scenario’s zie je nu al een begin. U mag zeggen hoe het afloopt. De Nederlandse premier wordt geprezen omdat hij geen visie heeft. Juist daardoor kan hij tussen (niet zozeer boven) de partijen staan. Als complexiteitswetenschapper zou ik zeggen dat visie een emergent proces is: je kunt niet van 1 persoon verwachten dat hij visie heeft met alle antwoorden. Maar het politieke debat waar die visie uit moet opkomen is pover. Dat geeft niet als de politiek de wenselijke ontwikkelingen maar niet blokkeert. Dan kan de oplossing elders ontstaan. Bij dat niet-blokkeren hoort wat mij betreft in ieder geval: een verschuiving van belasting van arbeid naar schaarse hulpbronnen en het voorkomen dat de controle over informatie in verkeerde handen valt. Want ook betrouwbare informatie dreigt steeds meer een schaarse hulpbron te worden: wie hebben straks de Google’s e.d. in handen? Het is niet voor niets dat hun waarde stijgt. Of ben ik nu een complotdenker geworden? Doemscenario’s zijn nuttig om te weten wat je niet wilt, zodat je kunt zoeken naar iets anders en de politiek de wenselijke ontwikkelrichtingen kan de-blokkeren. Het feit dat er zoveel doemscenario’s zijn stemt me optimistisch. Het woord ‘global public goods’ duikt al steeds vaker op in beleid.
Original languageDutch
JournalVirtueel Bestuur
Volume2014
Publication statusPublished - 4 Aug 2014

Cite this