Abstract
Het Nederlands buitenlands beleid heeft de laatste jaren sterk ingezet op
zogenaamde ‘economische diplomatie’. Daarmee lijkt een onomkeerbare stap
gezet in de richting van een vorm van diplomatie waarbij het Nederlandse
economische belang meer centraal mag staan. Maar welke belangen zijn dat
dan als ondernemingen steeds meer worden geconfronteerd met een dubbele
uitdaging: onzekerheid ten aanzien van de geopolitieke orde en tegelijkertijd
steeds hogere eisen aan hun duurzaamheidsstrategie. Juist voor een klein land
als Nederland is een integrale – slimme, pragmatische, maar ook doelgerichte
en duurzame – benadering essentieel. Een preciezere framing van het beleid is
daarom gewenst: van economische diplomatie naar duurzame diplomatie.
zogenaamde ‘economische diplomatie’. Daarmee lijkt een onomkeerbare stap
gezet in de richting van een vorm van diplomatie waarbij het Nederlandse
economische belang meer centraal mag staan. Maar welke belangen zijn dat
dan als ondernemingen steeds meer worden geconfronteerd met een dubbele
uitdaging: onzekerheid ten aanzien van de geopolitieke orde en tegelijkertijd
steeds hogere eisen aan hun duurzaamheidsstrategie. Juist voor een klein land
als Nederland is een integrale – slimme, pragmatische, maar ook doelgerichte
en duurzame – benadering essentieel. Een preciezere framing van het beleid is
daarom gewenst: van economische diplomatie naar duurzame diplomatie.
| Original language | Dutch |
|---|---|
| Pages (from-to) | 1-5 |
| Number of pages | 5 |
| Journal | Internationale Spectator |
| Volume | 70 |
| Issue number | 5 |
| Publication status | Published - 2017 |
Research programs
- RSM ORG
Cite this
- APA
- Author
- BIBTEX
- Harvard
- Standard
- RIS
- Vancouver