Abstract
In deze Opinie gaat Fleur den Ouden in op het beginsel van een behoorlijke procesvoering dat in 2025 door de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State is geïntroduceerd, maar door de fiscale rechters nog niet expliciet is omarmd. Zij vraagt zich echter af of dit beginsel voor de belastingrechtspraak daadwerkelijk nieuw is. Maakt het beginsel van een behoorlijke procesvoering niet reeds onderdeel uit van wat de belastingrechter aanduidt als 'de goede procesorde'? De belastingrechter kwalificeert onfatsoenlijk procesgedrag immers ook regelmatig als een schending van de goede procesorde. Daarmee rijst de vraag of het niet tijd is dat de belastingrechter bij onfatsoenlijk procesgedrag verwijst naar het beginsel van een behoorlijke procesvoering om zo beter tot uitdrukking te brengen dat de grenzen van dat beginsel zijn overschreden, in plaats van terug te grijpen op de abstracte term ‘de goede procesorde’.
| Original language | Dutch |
|---|---|
| Article number | 153 |
| Journal | NTFR |
| Volume | 2026 |
| Issue number | 4 |
| Publication status | Published - 20 Jan 2026 |
Research programs
- SAI 2007-05 FA