Abstract
Tussen 1997 en 2008 nam het gebruik van primaire uitwendige radiotherapie toe met circa 7% bij patiënten met borstkanker en met circa 30% bij patiënten met endeldarmkanker. Bij deze laatste groep was er een sterke toename in preoperatieve bestraling en een afname van postoperatieve bestraling. Bij prostaatkanker nam het gebruik van brachytherapie toe met 9%. De toepassing van uitwendige radiotherapie bij patiënten met prostaatkanker of niet-kleincellige longkanker bleef gelijk. Regionale verschillen in de mate van toepassing van radiotherapie voor borstkanker en endeldarmkanker namen duidelijk af. Deze verschillen bleven beperkt bij uitwendige radiotherapie voor prostaatkanker en niet-kleincellige longkanker. Radiotherapie werd minder vaak toegepast op oudere leeftijd.
De toename in de toepassing van radiotherapie voor borstkanker is te verklaren uit de toename van het aantal borstsparende operaties. De trends in de toepassing bij patiënten met endeldarmkanker en borstkanker hangen vermoedelijk samen met de invoering van multidisciplinaire richtlijnen. De invoering van deze richtlijnen heeft waarschijnlijk ook bijgedragen aan de afname in regionale verschillen in de toepassing van radiotherapie.
De toename in de toepassing van radiotherapie voor borstkanker is te verklaren uit de toename van het aantal borstsparende operaties. De trends in de toepassing bij patiënten met endeldarmkanker en borstkanker hangen vermoedelijk samen met de invoering van multidisciplinaire richtlijnen. De invoering van deze richtlijnen heeft waarschijnlijk ook bijgedragen aan de afname in regionale verschillen in de toepassing van radiotherapie.
| Original language | Dutch |
|---|---|
| Article number | A4426 |
| Journal | Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde |
| Volume | 156 |
| Issue number | 12 |
| Publication status | Published - 15 Mar 2012 |
| Externally published | Yes |
Research programs
- EMC NIHES-02-65-02