Skip to main navigation Skip to search Skip to main content

Verzuimboete bij suppletie wordt bepaald op onderdeelniveau fiscale eenheid

  • Belastingdienst

Research output: Contribution to journalCase noteProfessional

6 Downloads (Pure)

Abstract

Belanghebbende is een fiscale eenheid. Sinds 1 maart 2018 is de fiscale eenheid uitgebreid met X bv. De tot de fiscale eenheid behorende ondernemingen zijn steeds zelfstandig aangifte omzetbelasting blijven doen. Voor het vierde kwartaal 2018 heeft de fiscale eenheid in totaal € 14.440.330 aan omzetbelasting voldaan. X bv heeft voor het vierde kwartaal 2018 € 303.420 aan omzetbelasting voldaan. Vervolgens heeft X bv in februari 2019 gesuppleerd voor het vierde kwartaal 2018 voor een bedrag van € 210.000. Hiervoor is aan belanghebbende een naheffingsaanslag opgelegd alsmede een verzuimboete van € 5.278. In bezwaar is de boete gehalveerd tot € 2.639. Belanghebbende gaat in beroep. Zij stelt dat alleen boetes kunnen worden opgelegd aan natuurlijke personen en rechtspersonen, niet aan een fiscale eenheid. Rechtbank Zeeland-West-Brabant verwerpt deze stelling onder verwijzing naar een uitspraak van Rechtbank Gelderland (NTFR 2019/2240). Subsidiair stelt belanghebbende dat de suppletie minder is dan 10% van het in het vierde kwartaal door de fiscale eenheid als geheel verschuldigde bedrag aan omzetbelasting. Hierdoor kan op grond van § 24a BBBB 1998 geen verzuimboete worden opgelegd. De rechtbank verwerpt deze stelling. Belanghebbende heeft ervoor gekozen om X bv zelfstandig aangifte te laten doen. X bv blijft dan zelfstandig verantwoordelijk voor het doen van een juiste aangifte. De wetssystematiek brengt dan mee dat voor de toepassing van § 24a BBBB 1998 moet worden aangesloten bij het door X bv oorspronkelijk verschuldigde bedrag aan omzetbelasting en niet dat van de fiscale eenheid. Dit blijkt ook uit het § 24a, lid 2, BBBB 1998 waarin de werkingssfeer is beperkt tot situaties waarin de aangegeven bedragen steeds overeenkomstig de (suppletie)aangifte zijn betaald. Nu de aangifte van X bv te laag is aangegeven en voor die bv is gesuppleerd, moet de werking van § 24a BBBB 1998 ook betrekking hebben op het niveau van X bv.

(Beroep ongegrond.)
Original languageDutch
Article number4294
JournalNederlands Tijdschrift voor Fiscaal Recht
Volume2021
Issue number50
Publication statusPublished - 17 Dec 2021

Court cases

CourtRechtbank Zeeland-West Brabant
Date of judgement4/09/20
ECLI IDECLI:NL:RBZWB:2020:4131

Research programs

  • SAI 2007-05 FA

Cite this